Nieuwe nomenclatuur in coronacrisis

In het kader van de pandemie van het coronavirus (COVID-19) geven we u graag enige duiding over de nieuwe nomenclatuurcodes.

Beide nieuwe nomenclatuurcodes zijn tijdelijk ingevoerd sinds 14 maart 2020.

101990 ‘advies met het oog op triage van COVID-19’ N 10

Hieronder wordt verstaan: een telefonische triage na volledige anamnese van een patiënt met symptomen van een mogelijke besmetting met het SARS-CoV-2 virus.

De arts moet de patiënt duidelijk kunnen identificeren (INSZ-nummer), noteert in het dossier van de patiënt het telefonisch contact, de raadgevingen die werden verstrekt en de documenten die werden afgeleverd.

Wat kan wel m.b.t. de code 101990?

  • Aanrekenbaar door elke arts (huisartsen, haio's, artsen-specialisten, aso's, artsen in medische huizen, intra- en extramurale artsen,...).
  • Afrekenen via derdebetaler.
  • De arts ontmoet de patiënt niet in persoon, buiten welk fysiek onderzoek van de patiënt dan ook.
  • Omvat het opmaken en ondertekenen van getuigschriften, farmaceutische voorschriften en allerlei bescheiden (bv. verwijsbrief, eventueel verslag voor GMD-houder,…).
  • Het honorarium bedraagt € 20.
  • De patiënt is geen remgeld verschuldigd, m.a.w. is dit dus volledig kostenloos voor de patiënt.

 

Wat kan niet m.b.t. de code 101990?

  • mag slechts eenmaal per patiënt worden aangerekend.

  • niet cumuleerbaar op dezelfde dag door dezelfde arts.

  • niet cumuleerbaar met het honorarium voor raadpleging, bezoek of advies uit de nomenclatuur.

  • er mogen geen ereloonsupplementen worden aangerekend.


101135 'advies met het oog op de continuïteit van zorg' N 10

Dit omvat het advies met het oog op de continuïteit van zorg voor andere patiënten, in het bijzonder mensen met een chronische aandoening die niet meer naar hun huisarts kunnen vanwege de richtlijnen gegeven in het kader van Covid-19.

Hieronder verstaat men een telefonisch anamnese van een patiënt in behandeling bij de arts, die de arts volgens de adviezen in verband met de COVID-pandemie niet fysiek kan ontmoeten. Bijvoorbeeld: de opvolging van een diabetespatiënt, een reumapatiënt, een patiënt onder antistollingstherapie etc.

Dit geldt dus ook voor patiënten met een mogelijke COVID-19-problematiek die de arts raadplegen voor een bijkomend opvolging.

De arts moet de patiënt duidelijk kunnen identificeren (INSZ-nummer), noteert in het dossier van de patiënt het telefonisch contact, de raadgevingen die werden verstrekt en de documenten die werden afgeleverd. Tevens noteert de arts de gemotiveerde reden die nopen tot dit advies.

Wat kan wel m.b.t. de code 101135?

  • Aanrekenbaar door elke arts (huisartsen, haio's, artsen-specialisten, aso's, artsen in medische huizen, intra- en extramurale artsen,...).
  • Afrekenen via derdebetaler.
  • De arts ontmoet de patiënt niet in persoon, buiten welk fysiek onderzoek van de patiënt dan ook.
  • Omvat het opmaken en ondertekenen van getuigschriften, farmaceutische voorschriften en allerlei bescheiden (bv. verwijsbrief, eventueel verslag voor GMD-houder,…).
  • Het honorarium bedraagt € 20.
  • De patiënt is geen remgeld verschuldigd, m.a.w. is dit dus volledig kostenloos voor de patiënt.

 

Wat kan niet m.b.t. de code 101135?

  • mag slechts eenmaal per periode van 7 dagen per patiënt worden aangerekend.

  • niet cumuleerbaar op dezelfde dag door dezelfde arts.

  • niet cumuleerbaar met het honorarium voor raadpleging, bezoek of advies uit de nomenclatuur.

  • er mogen geen ereloonsupplementen worden aangerekend.

Meer praktische informatie over deze nieuwe verstrekkingen kan u hier raadplegen.

 

Meer informatie over het coronavirus COVID-19 en procedures vindt u hier.