Akkoord artsen–ziekenfondsen dd. 13.12.2010: Moeilijk gaat ook
In de context van de moeilijke budgettaire en politieke Belgische situatie hebben de partners van de nationale commissie artsen ziekenfondsen hun verantwoordelijkheid opgenomen en hebben op 13.12.2010, onder de deskundige leiding van haar voorzitter, de Heer Jo De Cock, en met de steun van de RIZIV administratie, unaniem een akkoord artsen – ziekenfondsen afgesloten voor het jaar 2011. Het is, alle omstandigheden in acht genomen, een eerbaar en wellicht ook het enig haalbare compromis geworden.
De BVAS betreurt uiteraard dat de Regering een besparing van € 130 miljoen heeft doorgedrukt in de specialistische geneeskunde: € 50 miljoen in de medische beeldvorming, € 50 miljoen in de klinische biologie en € 30 miljoen in de andere gespecialiseerde medische prestaties.
Tot op het laatste moment werden onder impuls van de vertegenwoordigers van BVAS alternatieve pistes onderzocht om de onafwendbare inspanningen te verzachten.
Het afgesloten akkoord spreidt die maatregelen zo evenwichtig als mogelijk en houdt vooral rekening met de budgettaire voorgeschiedenis van de verschillende specialistische disciplines. Bepaalde disciplines die de voorbije jaren relatief buiten schot zijn kunnen blijven werden deze keer door de overheidsvertegenwoordigers extra kritisch doorgelicht en tot een ernstige inspanning gedwongen.
Tegenover deze inspanningen staan echter ook positieve punten.
Zo bijvoorbeeld is de BVAS er in geslaagd een indexsprong in 2011 te vermijden, zoals door sommigen als besparing voor een aantal disciplines was gesuggereerd. Dit scenario kon echter worden afgeblokt. Alle prestaties van consultatie, huisbezoek, toezicht op opgenomen patiënten (de “intellectuele verstrekkingen”) voor huisartsen en specialisten, alsook de verloskundige prestaties worden vanaf 01.01.2011 wel degelijk geïndexeerd met 1,40 %. De indexering van de overige specialistische prestaties wordt mogelijk op 01.05.2011 maar wordt gekoppeld aan de realisatie van de opgelegde besparingsmaatregelen.
Er komt ook een betere vergoeding van
de artsen-specialisten die ’s nachts, weekends en feestdagen werken en die omwille van de structureel ondergefinancierde spoedgevallenzorg financieel ondergewaardeerd werden. Daartoe wordt een bescheiden bedrag van € 8,3 miljoen geïnjecteerd in de spoedhonoraria, bedrag dat bezuinigd diende te worden op andere specialistische prestaties.
Naast hun indexering met 1,40 % vanaf 01.01.2011 verkreeg de BVAS voor de huisartsen nog een aantal positieve maatregelen, zoals een verhoging met € 3 miljoen voor de steun aan huisartsenwachtposten, ondermeer in afgelegen gebieden, en keurde de BVAS de opwaardering van de praktijktoelage tot € 1.500 goed vanaf
2011.
De BVAS realiseerde niet alleen de verderzetting van de toeslag voor de avondraadpleging door de huisarts voor zijn eigen patiënten maar ook een verhoging van dit bijkomend honorarium van € 2 naar € 3, zonder dat de patiënt extra remgeld moet betalen om zijn eigen vertrouwde huisarts op te zoeken.
De BVAS aanvaardde dat – mits belangrijke vereenvoudiging van de administratieve verwerking - de toegetreden huisartsen de sociale derdebetalersregeling toepassen, tenzij zij vermoeden dat er misbruik vanwege de patiënt dreigt.
Kortom, de BVAS heeft binnen een strak budget en in moeilijke omstandigheden een verdedigbaar akkoord uit de brand gesleept. De BVAS houdt er rekening mee dat sommigen, die onderhevig zijn aan besparingen, het akkoord allicht zullen weigeren. Dat is hun goed recht.
In elk geval kan men niet om de vaststelling heen dat het budget 2011 +3,59 % hoger ligt dan het budget 2010, wat in realiteit overeenstemt met een reële stijgingstrend van +2,19 % als we de index van 1,40 % buiten beschouwing laten. We zullen volgend jaar evalueren of dit realistisch was. De laatste jaren stegen de behoeften immers jaarlijks gemiddeld met 4,5 %, index exclusief.
Dr. Marc MOENS
Voorzitter BVAS