Kaderwet II: wat verandert er voor artsen?
De meest opvallende en gecontesteerde maatregel is de invoering van de mogelijkheid om een opschorting van het RIZIV-nummer op te leggen als alternatief voor een administratieve geldboete bij bepaalde inbreuken (artikel 73bis, 1° tot en met 4°), wanneer de waarde van de betwiste verstrekkingen meer dan 35.000 euro bedraagt. Die opschorting kan variëren van 1 maand tot 2 jaar. Tijdens die periode mag de zorgverlener geen prestaties aanrekenen binnen de ziekteverzekering voor de betrokken periode.
Ondanks de gezamenlijke tussenkomsten van BVAS en het Kartel werd deze opschorting als alternatieve boete uiteindelijk in de wet behouden. De wet betekent een duidelijke verstrenging van het handhavingskader binnen de ziekteverzekering. De mogelijkheid om een RIZIV-nummer op te schorten is een ingrijpende sanctie die rechtstreeks raakt aan de beroepsuitoefening van zorgverleners. Hoewel de minister tijdens de parlementaire besprekingen herhaaldelijk heeft verklaard dat deze maatregel bedoeld is voor de aanpak van zeer ernstige fraude, stelt BVAS vast dat deze beperking niet uitdrukkelijk in de wet zelf werd verankerd. Dit blijft dan ook een punt van bezorgdheid.