• Ons aanbod voor artsen in opleiding

    Heb je de Startersgids voor artsen in opleiding 2022 nog niet besteld? Vraag dan hier jouw GRATIS exemplaar aan.

    Om kennis te maken met het Vlaams Artsensyndicaat bieden we jou graag ons Startersaanbod.
    Voor € 30 (i.p.v. € 50) word je lid van ons syndicaat tot eind 2023.
    Dan ondervind je zelf wat wij voor jou kunnen betekenen.
    Geïnteresseerd? Klik hier voor ons Startersaanbod.
     

Vooral de werkende volwassenen die niet telewerken lopen momenteel een coronabesmetting op

28.01.2022

Het aantal besmettingen in de bevolking neemt momenteel zeer snel toe. Dit heeft een ongeziene impact op het werk. 

Uit onderzoek door KU Leuven, UHasselt en Idewe blijkt dat de gemiddelde incidentie per 100.000 in de beroepsbevolking op 1 week tijd met een derde is toegenomen. Ze ligt ook een derde hoger dan bij de algemene bevolking. Dit wijst erop dat vooral de actieve, werkende volwassenen elkaar momenteel besmetten. Het hoogste aantal besmettingen gebeurt in de kinderopvang, gevolgd door het onderwijs. De onderzoekers voorspellen dat bij 1000 nieuwe wekelijkse besmettingen, het absenteïsme met 1,7 tot 2,5% zal toenemen, en dat het werkverzuim hoger zal zijn in sectoren of bedrijven waar er niet wordt getelewerkt.

Voortdurende opvolging van impact corona op het werk

Het aantal besmettingen bij de bevolking neemt momenteel zeer snel toe. Dit heeft een ongeziene impact op het werk. Onderzoekers van KU Leuven, UHasselt en Idewe volgen de impact van COVID19 op het werk sinds het begin van 2021 op de voet. Ze publiceren hierover regelmatig een rapport, dat ook wordt meegenomen in het advies van de GEMS aan het Overlegcomité. In hun laatste rapport vergeleken ze het aantal besmettingen in de verschillende sectoren met elkaar, en analyseerden ze de uitval bij het personeel. Het rapport kan worden geraadpleegd op de website info-coronavirus.be (https://www.info-coronavirus.be/nl/celeval/).

Vooral besmettingen bij de actieve, werkende volwassenen

Uit gegevens van de contacttracering uitgevoerd door IDEWE en uit de RSZ -gegevens blijkt dat er in de 2 vorige weken een zeer sterke stijging was van de coronabesmettingen in alle sectoren en regio’s. Uitzondering hierop zijn de buitenberoepen zoals de land- en tuinbouw sector, die minder besmettingen tellen dan de algemene bevolking.

De gemiddelde incidentie per 100.000 in de beroepsbevolking is in 1 week tijd met een derde toegenomen. Ze ligt ook een derde hoger die van de algemene bevolking. Dit wijst erop dat vooral de actieve, werkende volwassenen elkaar besmetten. Dit is te verklaren door de zeer besmettelijk omicron-variant, die zich gemakkelijk verspreidt op plaatsen waar mensen bij elkaar komen.

De hoogste incidenties doen zich voor in de kinderopvang. Het is de eerste sector die sinds het begin van de pandemie de kaap van de 10.000 incidenties per week overschrijdt (nl 11.182). Ook het aantal besmettingen in het lager en middelbaar onderwijs bereiken ongeziene hoogtes (respectievelijk wekelijks bijna 7.000 en meer dan 8.000 op 100.000). 

Bij 1000 nieuwe besmettingen per week, stijging absenteïsme met 1,7 tot 2,5%

Dit hoge aantal besmettingen vertaalt zich in een massale uitval van personeel in vele sectoren. De onderzoekers hebben getracht om, op basis van de gegevens in 2021, het absenteïsme te voorspellen. Ze baseerden zich hiervoor op het aantal wekelijkse besmettingen bij de werkende bevolking en het van toepassing zijn van een aantal maatregelen, zoals de sluiting van scholen en werkplekken, en reisbeperkingen. Bij 1000 nieuwe gevallen per week, voorspellen ze een stijging van het absenteïsme met ongeveer 1,7% als de maatregelen meegenomen worden in het model, en een stijging met 2,5% zonder maatregelen in het model. Meer details over de methode vindt u in het kader onderaan.

Bij 1000 nieuwe besmettingen op 2 weken tijd, stijging van ziekteverzuim met gemiddeld 0,44%

Dit absenteïsme kan ook veroorzaakt worden doordat medewerkers thuis in quarantaine moeten blijven. Als we enkel de afwezigheid van het werk voorspellen wegens ziekte, voorspelt het model per 1000 nieuwe coronagevallen, ditmaal op 2 weken tijd, een stijging van het ziekteverzuim met 0,44%. Dit is een gemiddelde over alle sectoren heen.

Telewerken zorgt voor minder ziekteverzuim en voor continuïteit van het bedrijf

Het ziekteverzuim kan echter ook afhangen van de werkcontext, zoals frequent in contact komen met mensen of de mogelijkheid tot telewerken. In sectoren waar werknemers niet kunnen telewerken en/of regelmatig risicovolle contacten op de werkvloer hebben, kan een corona infectie vaker tot ziekteverzuim leiden dan in sectoren waar werknemers wel kunnen of mogen telewerken. Dit blijkt ook uit ons model. Daar neemt het ziekteverzuim per 1000 nieuwe besmettingen op 2 weken tijd duidelijk meer toe in de gezondheidszorg (1,34% tov de gemiddelde 0,44% hiervoor vermeld).

Telewerken is ook niet mogelijk in de voedselverwerkende industrie en de horecasector. Daar ook is er een grotere impact van de corona-incidentie op het ziekteverzuim (respectievelijk 0,55% en 0,65%).

Als we vergelijken met een sector waar telewerken mogelijk is, zoals de banksector, is het effect van de COVID-19-incidentie op het ziekteverzuim daar opmerkelijk lager (0.15%), vergeleken met het gemiddelde van 0,44 voor alle sectoren samen.

Het toont aan dat telewerken een belangrijke maatregel is om de verspreiding van het virus op het werk te voorkomen. Het helpt om de uitval bij het personeel te beperken en zorgt daardoor voor de continuïteit van het bedrijf.

Belang van vaccinatie opnieuw aangetoond

Tenslotte zien we ook een belangrijk effect van de vaccinatie in de sector van de gezondheidszorg. De vaccinatie heeft heel wat uitval van zorgverleners voorkomen in het voorjaar van 2021, tijdens de 3e golf. Toen was een groot deel van de zorgverleners gevaccineerd, en in die 3e golf zien we bij hen een plotselinge daling van het ziekteverzuim, tegenover een piek in de andere sectoren. Dit wijst nogmaals op het belang van vaccinatie in de strijd tegen het coronavirus.

Gebruikte methode

De onderzoekers analyseerden het aantal niet gewerkte dagen (verder absenteïsme genoemd) door tijdelijke werkloosheid (Corona overmacht, quarantaine, kinderopvang, economische reden,...) en ziekte voor het jaar 2021 voor 1,33 miljoen van de 4,5 miljoen werknemers. Op basis van deze RSZgegevens, het aantal positieve gevallen onder de werkende bevolking en de zogenaamde stringency index bouwden ze verschillende modellen, waarmee het absenteïsme kan worden voorspeld. De stringency index is een maat voor de genomen maatregelen gebaseerd op negen indicatoren, waaronder de sluiting van scholen, sluiting van werkplekken, en reisbeperkingen,…

Het jaar 2021 kan evenwel ingedeeld worden in 2 helften. De eerste helft van 2021 zien we een hoger tijdelijk werkloosheidpercentage, terwijl het einde van het jaar zich kenmerkte door een stijging in ziekteverzuim. De situatie zoals we die nu (januari 2021) kennen, sluit naar stringency het meest aan bij de situatie in december. Om die reden hebben de onderzoekers enkele bijkomende modellen gemaakt voor enkel ziekteverzuim. 

 

 
Deel dit bericht: 
Deel dit bericht